In de vroege ochtend loop ik over straat. Met onze harige huisvriend, ga ik de plantsoentjes af.  Als ik geen zin heb om te wachten op al zijn gesnuffel (geloof me: ik hèb geen zin om te wachten), sprint hij op zijn hardst om mij weer in te halen. We hebben het goed samen.

Dan zie ik een opgerold tijdschrift naast de stoep liggen – in de goot dus. Ik vraag me af wat het voor tijdschrift is, maar ik kan het niet zien omdat de titel aan de onderkant van de rol zit.

Het onbekende tijdschrift intrigeert me. Zo’n blad vertegenwoordigt een achterban. Er zit een wereld achter. Welke wereld ligt daar in de goot? een wereld van BNN’ers, politici, architecten, mooie tuinen…?
Er zijn van die plaatsen waar je tijdschriften leest zoals bij de kapper of een of andere wachtkamer en zo kennismaakt met de achterban. Daar waag ik me dan graag aan: even iets lezen wat je zelf niet snel zou kopen of actief zou opzoeken, een kijkje in een wereld die niet de jouwe is.

Als ik de hoek om ben, vraag ik me serieus af – zeker gezien de lange gedachtenkronkel van hierboven – waarom ik het tijdschrift niet heb opgeraapt.
Hoe dan ook, het ligt er nog.

Dus ‘all ye’  lezers, als je mensen bekend wilt maken met jouw ideeën, neem dan het blad niet voor de mond en gooi het niet in de goot; want die stap is voor de meesten van ons te groot, maar snel je naar de wachtkamers!

(Mocht jij nou net in een soort wachtkamer zitten… neem dan in elk geval je tijd
voor een schrift.)

Astrid

Lees hier de vorige columns.