We hebben een TV in de nieuwe aanbouw van ons huis gezet. En we hoefden niet, zoals ik aannam, onder het huis door te kruipen om er een kabel naar toe te trekken. Ik zou met mijn lichte vorm van claustrofobie dat sowieso niet zelf hebben gedaan. “Niet nodig mijnheer. Voor een paar tientjes extra kan dat allemaal draadloos”, verzekerde de KPN-monteur mij opgewekt. Ik zag geen stofje op zijn blauwe werkbroek. Dat had me tot nadenken moeten stemmen. Achteraf vermoed ik dat hij, gedreven door zijn eigen claustrofobische angsten, alle klanten handig een draadloos setje weet te verkopen.

afstandsbedieningIk zwichtte voor zijn overtuigende blik en mooie praatjes. Want zoals u als trouwe lezer al langer weet, ben ik op technisch gebied geen hoogvlieger. Ik haast mij te zeggen dat ik natuurlijk wel andere talenten heb. Mijn vrouw vroeg me onlangs op welke talenten ik dan doelde. Maar daar wil ik het nu even niet over hebben.

Draadloze TV, daar hadden we het over. Het zit er nu allemaal een dag of tien. En we hebben al drie keer met KPN moeten bellen omdat het zaakje steeds onaangekondigd uitvalt. Bij voorkeur midden in de tienduizend meter van Sven Kramer. Die trouwens ook niet goed afliep. Maar ik dwaal al weer af.
Bellen met de KPN betekent door je huis rennen. Op knopjes drukken. Wachten op rode of witte lichtjes. “Nee het lampje moet flikkeren mijnheer. Wat zegt u, nu flikkert het rood? Nee dan is het nog niet goed. Loopt u nog eens terug naar de TV ontvanger.” En dat dan twintig minuten lang. Per gesprek wel te verstaan.

De gemakkelijkste weg wil al gauw ook op de beste lijken. Maar soms moet je in het leven dieper gaan om tot echte oplossingen te komen. Ondanks onze angsten zou het dan raadzaam kunnen zijn om eens een keer onder de vloer van ons huis door te kruipen.

L.Slot