“We gaan vliegen”, antwoordde de buurman, gevraagd naar zijn vakantieplannen. Daar klopt uiteraard niets van. U en ik en dus ook de buurman gaan niet vliegen. We worden gevlogen. Toch is het een gebruikelijke manier van spreken.  Zou dat kunnen zijn omdat we onszelf onbewust gerust willen stellen? De indruk willen wekken de regie nog in handen te hebben? Ook wanneer we de lucht in gaan?

vliegenOp de fiets of in de auto zijn we zelf nog “in charge”. Maar dat geldt zeker niet voor het vliegen. U en ik vliegen bij de gratie van enorme, brandstof verslindende straalmotoren. We vliegen bij de gratie van slimme computers en een beetje hulp van een piloot. Op dat alles kunnen wij geen enkele invloed uitoefenen. Wanneer de motoren uitvallen, dan wordt tragisch duidelijk hoe weinig er van “ons vliegen” terecht komt. Niets dus. We komen op eigen kracht nog geen centimeter van de grond. In ieder geval niet langer dan een paar seconden. In een vliegtuig stappen, is tegelijkertijd de keuze om de regie volledig uit handen te geven. Je geeft je over aan een machine en een piloot aan de knoppen.

Het goede nieuws is dat het vliegtuig het meest veilige transportmiddel op deze planeet is. Dat piloten goed worden opgeleid nadat ze door een strenge selectie zijn gekomen. Dat de captains normaal gesproken niet op eigen kracht besluiten toch maar niet naar Spanje te vliegen maar naar Siberië.

Ik heb voor mijn werk regelmatig in vliegtuigen gezeten. En weet u wat? Ik vertrouwde het wel. Ik geloofde wel in die machine en de piloot. Hoewel ik geen verstand heb van machines. Nooit een woord heb gewisseld met de man achter de stuurknuppel. Toch las ik boven de wolken onbekommerd de krant. Deed een tukje. Dronk koffie. At een broodje.

Je leven toevertrouwen. Je overgeven. Geloven. Het is allemaal niet zo ingewikkeld als sommige denken. Je hoeft alleen maar in te stappen.

L.Slot