Wanneer u een regelmatig lezer bent van mijn columns dan weet u het al. Ik ben een tuinman van niks. Het heeft voor een groot deel te maken met desinteresse. Goed bedoelde adviezen van vrienden registreer ik daardoor maar voor de helft. Instructies op verpakkingen lees ik niet of ten dele. Aan mijn geklungel in het groen heb ik recent een nieuw wapenfeit toegevoegd. Een gezonde en mooie struik in onze tuin moest verplaatst worden voor de bouw van een schuurtje. De verhuizing leek aanvankelijk succesvol te verlopen. Ik vertroetelde de struik dagelijks met een emmertje water. Ik toog zelfs naar de winkel voor een zak mestkorrels om mijn struikje nog wat extra aandacht te schenken. En daar ging het jammerlijk mis.

September. Ik vind het een prachtige maand. Je begint de herfst te ruiken. Ik ben gek op de veelkleurigheid en onstuimigheid van de herfst. September sluit de zomervakantieperiode af en zet deze als herinnering weg in mijn gedachten. September overschaduwt januari bijna als startmaand. Ik vind september ook een lastige maand. Tijdens de zomermaanden plaats ik figuurlijk de klok naar een donker hoekje van de kast. In september haal ik ‘em er weer uit en krijgt ie een prominente plek in mijn directe leefomgeving. Ik bedoel dan ook: heel direct, heel dichtbij. Want op minder dan een halve meter is er altijd wel een klok. 


Op het moment van schrijven regent het. Niet heel even, maar echt de hele nacht en dag. Kortom het bekende Nederlandse zomerweer. Toch mogen we niet echt klagen hoor, want er zijn genoeg mooie dagen geweest. En wie weet wat er nog gaat komen? Toch word ik altijd somber op zo'n regendag. Het liefste wil ik dan op de bank hangen en wat doelloos tv kijken of zo. Maar dat lukt dan meestal ook niet. Je hebt toch bepaalde verplichtingen waaraan je moet voldoen. Helaas.

In poezenjaren moet ze minstens de 100 jaar zijn gepasseerd. Na een lang en mooi leven, waarvan de laatste jaren wat kwakkelend en met toenemende kwalen, hebben we haar laten inslapen. Mijn zoons hebben haar een waardige begrafenis in de tuin gegeven compleet met kruis, bloemen en foto’s. Nu zal u misschien zeggen: het is maar een poes, maar als zo’n beestje al 17 jaar rond je huis en door je leven loopt is het toch wel even wennen dat ze niet bij de tuindeuren staat te drammen om eten elke ochtend. Of dat ze ’s avonds bij de borrel niet meer loopt te bedelen om een stukje worst.

Deze keer niet zo’n luchtige column. Wat wordt er toch veel geschreven en gezegd over het klimaat en de verandering daarvan. Hoe zal het over 50 jaar zijn? Kunnen we met elkaar nog een positieve wending geven aan wat ons te wachten staat? Wat laten we onze (klein)kinderen achter? Gaan we de klimaatsverandering onder controle krijgen?

Een paar weken geleden was er het groep 7/8 kamp: heel gezellig kamperen op het terrein van een van onze gemeenteleden. Wij hebben als gezin nog nooit gekampeerd. Sterker nog, de laatste keer dat ik gekampeerd heb was nog voor dat ik trouwde, dus dat is al meer dan 12 jaar geleden.

We hebben een voor- en achtertuin. Wat ons betreft alles bij elkaar te groot. De achtertuin geeft ons genoeg werk. De voortuin hing er een beetje zielig bij. We besloten daarom dat deel zoveel mogelijk onderhoudsvrij te maken. Het toch al min of meer verwilderde groen ging er uit. Maar wat nu?