Ik hoorde het van de gids die ons langs de oude opgravingen van Efeze in Turkije loodste: Nederlanders zijn geïnteresseerde en leergierige reizigers. Dankbaar publiek voor elke gepassioneerde gids. 
Tot zover niets opzienbarends, want dat geldt wel voor meer bevolkingsgroepen. Wat ik niet wist; Hollanders zijn dat alleen zolang de gids op de juiste tijd de koffie weet aan te kondigen. Tweemaal daags. Zowel ’s morgens als ’s middags. “Want,” is het argument “we zijn op vakantie.”

Nog niet zo lang geleden las ik een artikel van Peter Wohlleben. Peter heeft eerst bosbouw gestudeerd en is daarna boswachter geworden in het kleine stadje Hümmel in de Eifel. Na een aantal jaren gewerkt te hebben als boswachter kwam hij tot nieuwe inzichten wat betreft bosbouw, anders gezegd houtproductie.

Laat ik het maar eerlijk opbiechten; ik heb het richtinggevoel van een krop sla. Als u mij driemaal ronddraait in een fietsenschuurtje dan kan ik de uitgang niet meer vinden.
Het angstzweet breekt me nog uit als ik denk aan mijn desperate dwaaltochten door Nederlandse steden in het pre-navigatie tijdperk. Geregeld kwam ik met een hoogrode kleur van agitatie te laat op mijn afspraken aan. De omvang van de vertraging viel dan niet meer weg te smoezen met: “De brug was weer gesloten.” Of: “Wát een  lange files!” En dan zwijg ik nog over de keren dat ik onverrichter zaken huiswaarts keerde.

Het is donderdag 5 mei, Hemelvaartsdag. Terwijl de meeste mensen nog uitslapen of aan het ontbijt zitten, heb ik maar eens besloten om al vroeg een stevige wandeling te maken. Lekker een uurtje de polder in.

Het is rustig in huis, even is alles stil… mijn vingers glijden over het toetsenbord en mijn vingers vormen dit verhaal.

Op een dag zit ik te dubben en te bidden over iets, te zuchten, te wikken en te wegen….zegt de Heer tegen me: “trek deze laarzen maar aan!” Verbaasd, frons ik. Zegt Hij: “Het zijn V-laarzen, met de V van vertrouwen.”

Op het moment dat ik deze column tik, vlieg ik boven Europa. Op het flight tracking scherm volg ik de route van de vlucht die ik inmiddels kan dromen. Eerst over Oost Europa, richting de Zwarte Zee, over Turkije dan verder naar het zuidoosten. Naast me ligt een boekje wat ik momenteel aan het lezen ben over het leven van Paulus, geschreven door Karen Armstrong.

Ik loop op de dijk en kijk uit over een woest stuk uiterwaarde. Het ziet er prachtig uit; mooie bomen, hoog gras, pony’s, een tractorband zonder bestemming, een kruiwagen rustend tegen een boom en besmeurde emmers, wachtend op hun volgende klus. Terwijl ik wandel gaat het landschap als een film aan me voorbij. De volgende scene maakt dat ik even stilsta.