In de vroege ochtend loop ik over straat. Met onze harige huisvriend, ga ik de plantsoentjes af.  Als ik geen zin heb om te wachten op al zijn gesnuffel (geloof me: ik hèb geen zin om te wachten), sprint hij op zijn hardst om mij weer in te halen. We hebben het goed samen.

Mijn opa had achter zijn huis een grote tuin waarin allerlei levende have al dan niet in hokken rondscharrelde. Konijnen, kippen, duiven, vogels, katten en een hond. Die laatste joeg, wanneer hij de kans kreeg, de kippen met veel bravoure de hele tuin door. Behalve voor deze dieren had mijn opa een voorliefde voor het steeds maar weer verbouwen van hun verblijven. Na iedere verbouwing ging hij aan de slag met groene menie. Gewoon terwijl de kippen om hem heen scharrelden. In mijn herinnering hadden zijn witte kippen dan ook altijd groene veren. Het kippengeluk noch dat van mijn opa werden hierdoor allerminst verstoord. Ook de eitjes smaakten er niet minder om.

In plaats van de gebruikelijke column deze keer uitspraken van wereldburgers. Mijn bijbel heeft - zoals de meeste bijbels - een paar lege bladzijden voor en achterin. Het is de laatste jaren een gewoonte van me geworden om op die bladzijden uitspraken te schrijven van mensen uit het verleden en het heden. Wijze woorden om regelmatig even te overdenken. Hieronder een veertiental voor de komende twee weken.  

“KPN sluit je aan” is de reclameleus van Neerlands grootste telecommunicatiebedrijf. Ze sluiten je aan waar het gaat om je telefoon, je TV en het internet. Dat wil zeggen, als er niet iets misgaat. Want in dat geval ben je in de aap gelogeerd. Ik ben zelf eens maandenlang alles behalve aangesloten geweest. En al helemaal niet met een KPN-medewerker die het eventjes voor me oploste. “KPN sluit je af” was in die dagen bij ons thuis een gevleugelde uitdrukking. Ik word er soms nog wel eens wakker van. Maar dat terzijde.

Naar welke afdeling je ook onderweg bent: als je het Radboud Ziekenhuis in Nijmegen binnenloopt wordt je allereerst geconfronteerd met een enorme nadrukkelijk rode wand. Daarop in wel 100 afdrukken in helderwit een gedicht van Huub Oosterhuis geprint.

Daar is een zin die ik al lang eens had willen zeggen. Ik zeg het alleen nooit, maar nu ik het opschrijf, kan ik het eens even uitgebreid toelichten ☺.
Even voor de zekerheid: de definitie van kakofonie luidt: “rommelig geluid van vele klanken’. Nou, dàt heb ik dus vaak in mijn oor!

Op 11 November wordt in Zaltbommel en op vele andere plekken in de wereld St Maarten gevierd naar aanleiding van de legende met dezelfde naam. Wij concludeerden onlangs thuis dat dit nou echt een mooie legende is. Een soldaat genaamd Martinus is hartje winter onderweg naar Amiens en komt bij de stadspoort een bedelaar tegen die hem om een aalmoes vraagt. Martinus aarzelt niet en snijdt zijn mantel in tweeën met zijn zwaard en geeft de ene helft aan de bedelaar. ’s Nachts verschijnt Jezus aan hem in een droom, gehuld in de mantel van Martinus en Hij zegt: Martinus, jij hebt deze mantel in werkelijkheid aan Mij gegeven.