In poezenjaren moet ze minstens de 100 jaar zijn gepasseerd. Na een lang en mooi leven, waarvan de laatste jaren wat kwakkelend en met toenemende kwalen, hebben we haar laten inslapen. Mijn zoons hebben haar een waardige begrafenis in de tuin gegeven compleet met kruis, bloemen en foto’s. Nu zal u misschien zeggen: het is maar een poes, maar als zo’n beestje al 17 jaar rond je huis en door je leven loopt is het toch wel even wennen dat ze niet bij de tuindeuren staat te drammen om eten elke ochtend. Of dat ze ’s avonds bij de borrel niet meer loopt te bedelen om een stukje worst.

poesVreemd dat zelfs zo’n klein beestje een vaag gevoel van gemis teweeg kan brengen en dat er eigenlijk iets niet klopt; het is gewoon allemaal niet meer compleet.

Dat gevoel valt natuurlijk volledig in het niet bij de rouw en gemis wanneer ons een geliefde ontvalt. Hoe natuurlijk de dood ook bij het leven schijnt te horen, hoe natuurlijk het gemis erna lijkt te bevestigen dat het niet de bedoeling was dat het leven eindig is. Dat wie je bent, bedoelt is als permanent.

Dat laatste gaat vast niet voor poezen op en daarom wensen we haar veel sappige muizen toe op de eeuwige jachtvelden.

Berend

 

 

Lees hier de vorige columns