Het leven is een zeven, hoorde ik onlangs in een podcast. Ons leven kent hoogte- en dieptepunten en soms ook een heleboel monotone klanken. Die monotone klanken ken ik als een ritme afgewisseld door slapen, eten, werken, sporten en kerk. Wellicht komt dat bekend voor. Wanneer je daar middenin zit kun je weleens verlangen naar avontuur, naar afwisseling en emotie. Het leven krijgt kleur wanneer je denkt aan een nieuwe baan, op vakantie gaan, het vinden van een levenspartner of de overgang van winter- naar zomertijd. Wat een zegen, dat we allemaal dit soort gouden momenten kennen. Die krijgen een acht, een negen of zelfs een tien.

Daarentegen zijn er ook dagen die een dikke onvoldoende krijgen. Als we te maken hebben met grote zorgen, diep verdriet, stille pijn, onrust of leegte vanbinnen. Het blijft ons niet bespaard. Christus kennen is geen afweergeschut voor wereldse problematiek. Ook wij hebben te maken met lijden; geestelijk en fysiek.

Dus wat is dan ons voordeel van geloven in God hier op aarde? Dat Hij daar, te midden van die omstandigheden, wil zijn. Hoewel vragen onbeantwoord blijven, is er een dragende stilte. Hoewel pijn blijft, is er een bedding waar die pijn in mag bestaan. Daar is God. Dat zijn voor mij de meest krachtige getuigenissen; wanneer iemand getuigt van Zijn vrede die alle verstand te boven gaat. Dat doet me denken aan het schilderij van Rembrandt dat bij ons thuis hangt; Christus in de storm op het meer van Galilea. Het herinnert mij aan het leven met Hem. “God heeft ons geen kalme reis beloofd, maar wel een behouden aankomst.” Ook al lijkt Hij te slapen, lijkt er geen antwoord te komen en geen reden voor geloof. Ondanks die stormen in het leven, is Hij bij jou in de boot. En op een dag zul je met Hem de overkant halen.

Op een keer stapte Jezus met de leerlingen in een boot en zei: “Laten we naar de overkant van het meer varen.” Ze voeren weg en Jezus viel in slaap. Het begon te stormen op het meer. De boot liep vol water en ze kwamen in gevaar. De leerlingen gingen naar Jezus toe en maakten Hem wakker. Ze riepen: “Meester, Meester, we zinken!” Hij werd wakker en sprak streng tegen de wind en de golven. En het water en de wind werden rustig en het werd stil. Toen zei Jezus tegen hen: “Waar was jullie geloof?” En ze waren bang en vol ontzag voor Hem. En ze zeiden verbaasd tegen elkaar: “Wie is Hij toch? Zelfs aan de wind en het water geeft Hij bevelen en ze gehoorzamen Hem!” Lukas 8:22-25

  • Jolien